Elektromagnetische interferentie
Elektromagnetische interferentie is storing die het ene apparaat in het andere veroorzaakt. In installaties met frequentieregelaars herkent u die aan een handvol typische verschijnselen. Op deze pagina staan de symptomen, de oorzaken die er meestal achter zitten en de volgorde waarin u ze het beste aanpakt.
Bekijk het aanbod in de webshop
Liever direct overleggen? Bel +31 (0)344 616 267 of mail naar info@bnpelektromotoren.nl. Heeft u onverklaarbare storingen? Beschrijf wat u ziet, dan denken wij mee. Let bij de installatie ook op elektromagnetische compatibiliteit.
Hoe u elektromagnetische interferentie herkent
Interferentie meldt zich zelden als storingsmelding op de regelaar zelf. Het uit zich juist in de apparatuur eromheen, en vaak onregelmatig, wat het zoeken lastig maakt.
- Een analoog meetsignaal dat springt of wegloopt zodra de motor draait
- Een sensor of encoder die verkeerde waarden geeft
- Een PLC of veldbus die telegrammen mist of in storing gaat
- Een aardlekschakelaar die zonder aanleiding afslaat
- Ruis op een intercom, radio of camerabeeld in de buurt
Waar elektromagnetische interferentie vandaan komt
De bron is vrijwel altijd de motorkabel. Door de steile schakelflanken van de regelaar loopt er een hoogfrequente stroom via de kabelcapaciteit naar aarde. Die stroom zoekt de weg terug naar de regelaar, en onderweg pikt alles wat parallel meeloopt een deel van die stroom op. Ligt een signaalkabel naast de motorkabel in dezelfde goot, dan is dat het eerste dat u merkt.
In welke volgorde u zoekt
Begin bij de afscherming van de motorkabel. Die moet aan beide zijden rondom zijn aangesloten, met een wartel of beugel op blank metaal, niet met een los draadje. Kijk daarna naar de aarde: kort, ruim bemeten en sternetvormig naar één punt. Scheid vervolgens de motorkabel van signaalkabels, minimaal een handbreedte, en laat ze elkaar alleen haaks kruisen. Pas als dat alles klopt, zijn een extra filter of ferrietkernen zinvol.
Waarom elektromagnetische interferentie soms pas later opduikt
Een installatie die jarenlang goed werkte, kan opeens storing geven. Meestal is er dan iets veranderd: een kabel vervangen door een niet afgeschermde, een wartel die is losgeraakt, een uitbreiding waarbij nieuwe kabels naast de motorkabel zijn gelegd, of een corroderende aardverbinding. Loop bij een plotselinge storing eerst na wat er recent is aangepast.
Lees ook
Veelgestelde vragen over elektromagnetische interferentie
Mijn sensorwaarde springt zodra de motor draait, wat is er aan de hand?
Vrijwel zeker koppelt de motorkabel storing over op de signaalkabel. Controleer de afscherming en de aarding, en leg de signaalkabel verder van de motorkabel af.
Waarom slaat mijn aardlekschakelaar af?
Een frequentieregelaar voert via het filter een kleine stroom naar aarde af. Een gewone aardlekschakelaar ziet dat als een lek. Gebruik een type dat geschikt is voor frequentieregelaars.
Moet de afscherming aan één of aan twee kanten worden aangesloten?
Bij een motorkabel aan beide zijden, rondom. Dat is anders dan bij sommige signaalkabels, waar aan één zijde de voorkeur heeft om aardlussen te vermijden.
Hoe ver moeten motor- en signaalkabels uit elkaar?
Houd minimaal een handbreedte aan, meer bij lange parallelle stukken. Moeten ze elkaar kruisen, doe dat dan haaks.
Helpen ferrietkernen tegen interferentie?
Als aanvulling wel, nadat de afscherming, de aarding en de kabelscheiding in orde zijn. Als eerste maatregel leveren ze zelden resultaat op.
Offerte of advies aanvragen
Vul het formulier in en u hoort binnen een werkdag van ons.